tekst bij eigen werk
Als jongere ging ik naar de academie, waar ik les kreeg van kunstenaars die onder invloed stonden van Jef van Ruysveld zoals Eric De Haes en Wim Van Remortel. Deze beeldende kunstenaars waren ook veel bezig met klassieke muziek en dankzij hen leerde ik deze wereld kennen.
Op jonge leeftijd kwam ik in aanraking met oude muziek uit de renaissance en barokperiode, maar ook nieuwe muziek. Ik volgde kunstgeschiedenis en leerde zowel oude meesters appreciëren als abstracte kunst. Vanuit het schilderen van stillevens, landschappen, model, binnenzichten, ging mijn werk langzaam over tot pure abstractie.
Ik verdiepte mij ook in verschillende grafische technieken, waarmee ik graag werk maak en experimenteer. De grafische expertise die dit werk vereist, sluipt ergens in bij de schilderijen.
Ik schilderde dit jaar en vorig jaar nieuwe werken op doek en metalen plaat in olieverf. Op de expo breng ik een reeks van grote olieverfschilderijen, 1 op 1 meter en een aantal kleinere werken.
De kleuren zijn als muziek. Zoals elke noot zich onderscheid door een hele of een halve toon, is dit gelijkend met de kleuren in mijn schilderijen. De muziek van Bach, Händel, Haydn en nog vele andere componisten heeft een belangrijke rol gespeeld in het ontstaan van deze vierkante werken. De gestuele manier van schilderen, expressief, geeft kracht aan kleur, vorm en leidt tot een abstracte compositie.
De composities zijn ook afgeleid van verdelingen in ruimte van landschappen en gebouwen, bijvoorbeeld van een oude schuur aan de abdij van Herkenrode, of een open ruimte aan de rivier…
De sfeer die een bepaald moment van de dag oproept, de plaats waar je bent, bepaald het abstracte schilderij. Hoelang werk je aan zo’n schilderij? De vraag is: wanneer ben je klaar om dit schilderij te maken en te beëindigen? Na een aantal dagen van schilderen en niet schilderen, bereik je een moment waarop het schilderij kan blijven bestaan. Een zen-moment. De kleuren zijn intuïtief.
Tijdens het schilderen geldt: “ You’ve got to think enough, but not enough to obstruct the muse.”